Oma Nelk reflecteert…

Ruim een half jaar geef ik nu les in Ontwerpen en MAken (OMA). Een mooi moment om eens even in de spiegel te kijken en te reflecteren op wat er allemaal is gebeurd. Een nieuw vak opzetten gaat niet vanzelf en gaat zoals bijna al het nieuwe met vallen en opstaan.

In de folder vorig jaar voor nieuwe brugklassers schreef ik het volgende

Ons Stedelijk Gymnasium Schiedam is een school voor doorzetters, onderzoekers en uitpluizers. We zijn een bètaschool. Dit komt als geen ander tot uiting in een nieuw vak dat we op dit moment aan het opzetten zijn: Ontwerpen en Maken, afgekort OMa.

Wat hebben een mobiele telefoon, een naaimachine, een computer, een potlood en een 3D-printer met elkaar gemeen? Allemaal zorgen ze ervoor dat we onze creativiteit de vrije loop kunnen laten gaan. En wat is er mooier dan die creativiteit gebruiken om zelf nieuwe dingen te ontwerpen en te maken? Dat is wat we bij OMa gaan doen!

Hebben mijn collega en ik dit waar kunnen maken? Oordeel zelf!

“Oma Nelk reflecteert…” verder lezen

Je bent verplicht te helpen!

Soms gaat het wel eens mis

Het leuke van een nieuw vak geven is dat je zelf de helft ook nog niet helemaal precies snapt. Dat maakonderwijs goed is en dat leerlingen er veel leren, ziet iedere docent die ermee bezig is. Maar waarom en hoe dat dan precies werkt, dat wordt veel slechter begrepen. Gelukkig tasten we niet helemaal in het duister. Vanuit het platform Maker Education Nederland (http://www.makered.nl) hebben we contacten met collega’s in heel Nederland en soms zelfs daar buiten.

Zo leerde Erik Hofman ons dat in zijn lessen leerlingen verplicht zijn elkaar te helpen (volg hem op Twitter! https://twitter.com/hofje71) . Dat wilden wij dus ook, dus dat was de eerste (en zo ongeveer enige) regel die we invoerden. Maar helpen moet met de handen op de rug (dank weer aan Erik).

Wij vinden het belangrijk dat leerlingen elkaar helpen. Immers, als docent sta je alleen voor een groep van bijna dertig leerlingen die allemaal met hun eigen opdrachten bezig zijn. Je kunt het simpelweg niet alleen. Belangrijker echter nog dan dat is het helpen van een ander een waanzinnige drijfveer is voor de eigen, intrinsieke, motivatie (over die motivatie later meer, want hoe houd je leerlingen gemotiveerd als ze geen cijfers kunnen halen?).

Dus deze week waren leerlingen druk bezig om aan elkaar uit te leggen hoe de lasersnijder werkte, hoe ze dan toch echt die Extrude optie in Fusion 360 het beste konden  toepassen en waarom de mBot niet gewoon in een rechte lijn rechtdoor reed. Toch waren niet alle leerlingen tevreden aan het einde van de les. Wat bleek? Ze waren zo druk bezig geweest met uitleggen, dat ze geen tijd hadden gehad voor hun eigen opdracht. Want ja, ze waren verplicht geweest te helpen. Oeps… misschien moeten we volgende week de regel iets aanpassen.

 

Oma Nelk, kunt u mij helpen?!?

Na de klas verteld te hebben wat ze moeten doen, gaan ze ijverig de benodigde spullen pakken. Het duurt 42 seconden totdat de eerste vinger omhoog gaat. “Oma Nelk, kunt u mij helpen?!? Ik snap het niet”. Van binnen zucht ik heel even, want ik had toch echt gisteravond nog al het lesmateriaal nagelopen, om te controleren of ze er echt gelijk mee aan de slag konden.

“Heb je de opdracht al gelezen?”

“Nee” (gelukkig, het ligt niet aan mij)

“Doe dat dan eerst even, dan kom ik je daarna helpen”

Voor mij zit de allereerste groep leerlingen die ik lesgeef in Ontwerpen & MAken, afgekort OMA. Zo sta ik dan ook in het rooster van de leerlingen:

En ach ja, ze mogen mij dus best oma noemen, dat is niet erg. Het vak is nieuw en wordt nergens op deze manier  gegeven. Lasersnijden, 3D printen, programmeren, solderen, we proberen het allemaal een plek te geven. Het lesmateriaal schrijven we zelf. De eerste groep leerlingen zijn onze betatesters, maar eigenlijk hoop ik dat alle volgende groepen dat ook zullen zijn. Er is immers niet leuker dan dingen uitproberen en te kijken hoe het gaat.

Lezen blijkt lastig voor de leerlingen, zelfs al zijn het gymnasium leerlingen. Maar één zin blijkt goud waard, vandaar dat ik het graag met jullie deel (geleend van mijn collega Lazet):

“Ik ga het nu aan jou uitleggen, maar let goed op, want jij moet het dus straks aan de rest uitleggen”

Negentig minuten lang is het een chaos in het lokaal, maar ik geniet. Er worden steden ontworpen én gebouwd. Er worden robots in elkaar gezet en laptops uitgescholden. Na negentig minuten moeten ze toch echt opruimen. Om 16:00 staan ze weer voor deur. Of ze ook na schooltijd mogen komen om weer dingen te maken. Natuurlijk!

Lang Leve LOF

Veel van wat ik op dit moment doe op school, was niet mogelijk geweest zonder het Leraren Ontwikkelfonds (afgekort het LOF). Dankzij een subsidie van ruim € 20000,- van het LOF ben ik in staat geweest om het eerder genoemde robotica project te draaien, is onze Maakplaats nu een feit en kan volgend jaar het vak Ontwerpen en Maken gaan draaien. Daarom, een film over het LOF:

Workshop Next Level Arduino

Als ik één ding geleerd heb afgelopen jaar van de Maakbeweging (of zo je wilt: Maker Movement) het afgelopen jaar dan is het wel dat iedereen die ik tegenkom boordevol ideeën zit. Eigenlijk zou ik ze allemaal tegelijk willen uitvoeren. Het liefst met leerlingen erbij. Nu lukt dat tot op zekere hoogte met de Maakplaats, maar vandaag kwam daar alweer het volgende idee bij.

Een workshop van het Betasteunpunt Zuid-Holland ging over Next Level Arduino. Een wat cryptische titel, maar ik had er zin in. Chris Verhoeven van Robovalley zou namelijk komen spreken en als iemand een originele kijk heeft op met name Robotica, dan is hij het wel. Zijn stelling? Robots zijn gewoon dieren. Kijk hier zelf maar.

Zijn specialisatie zijn zwerm robots, eenvoudige robots die samenwerken om moeilijke taken te volbrengen, zoals bijvoorbeeld mieren en bijen ook samen werken. Dat was dan ook het doel van vandaag. Maak een eenvoudige, vliegende robot.

Nu kennen we allemaal wel drones, maar die zijn ingewikkeld om te programmeren en crashen vaak. Het is niet makkelijk om een berg motortjes en accu’s in de lucht te houden, laat staan te besturen. De even simpele als geniale oplossing kwam van Maarten Vissen en Nop Velthuizen. Gebruik een helium ballon, monteer er twee servomotoren met een hoogte sensor en een arduino nano aan. En klaar is JP.  De afbeelding hieronder zegt genoeg.

 

Na het gebruikelijke gepruts met libraries en drivers (tip: koop nooit Arduino’s met een CH340 chipset, ze leveren meer gezeur op dan de kostenbesparing rechtvaardigt) en het ijken van de hoogte sensor zat onze blimp binnen een uurtje in elkaar. En wat is het een elegante oplossing voor een voorheen moeilijk probleem. Eindelijk kan mijn Arduino vliegen! De massa is wat beperkter dan die van een drone, maar het plezier en de mogelijkheden zijn er niet minder om. Nu had ik gehoopt de Blimp mee naar school te mogen nemen om hem door de aula te laten vliegen. Dat ging helaas niet door. Dus nu moeten jullie het doen met dit kleine filmpje. En ja, deze moeten we nu dus ook gaan maken op school. Leerlingen, jullie weten wat je te doen staat!

Eerste lesmateriaal online

Zoals beloofd staat nu het eerste lesmateriaal dat ik ontwikkeld heb online. De module Robotica voor klas 3 VWO/Gymnasium is door iedereen vrij te gebruiken, aan te passen en te verbeteren. Je vindt het onder het kopje lesmateriaal. Opmerkingen? Ik hoor ze graag!